ECLI:NL:RBDHA:2023:18646
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening beëindiging tijdelijke bescherming Oekraïense derdelander
Verzoeker, een Nigeriaanse derdelander, kreeg tijdelijke bescherming op grond van Richtlijn 2001/55/EG en het Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382. Op 23 augustus 2023 werd hem medegedeeld dat zijn recht op tijdelijke bescherming eindigt per 4 september 2023. Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en vroeg tevens een voorlopige voorziening.
De rechtbank behandelde het verzoek om voorlopige voorziening gelijktijdig met het beroep op 7 november 2023. Inmiddels is op het beroep uitspraak gedaan, waardoor de noodzaak voor een voorlopige voorziening is komen te vervallen. De voorzieningenrechter wees het verzoek daarom af.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter A. Sibma en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de beëindiging van tijdelijke bescherming is afgewezen.