ECLI:NL:RBDHA:2023:18505

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
2 november 2023
Publicatiedatum
30 november 2023
Zaaknummer
NL23.18672
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:83 Awb
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen niet-inhandelingneming asielaanvraag

In deze zaak heeft de voorzieningenrechter het verzoek om een voorlopige voorziening beoordeeld, gericht tegen het besluit van 27 juni 2023 van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Dit besluit hield in dat de asielaanvraag van verzoeker, ingediend op 24 maart 2023, niet in behandeling werd genomen.

De voorzieningenrechter heeft partijen niet uitgenodigd voor een zitting, omdat dit niet noodzakelijk werd geacht. Tevens is op dezelfde dag een uitspraak gedaan in de hoofdzaak (zaaknummer NL23.18671), waardoor het verzoek om voorlopige voorziening overbodig werd. Om die reden is het verzoek afgewezen.

De voorzieningenrechter heeft tevens bepaald dat de staatssecretaris niet gehouden is tot vergoeding van de proceskosten van verzoeker. De uitspraak is openbaar gedaan en er staat geen hoger beroep of verzet tegen open, conform artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Arnhem
Bestuursrecht
zaaknummer: NL23.18672

uitspraak van de voorzieningenrechter van 2 november 2023 in de zaak tussen

[verzoeker] , v-nummer [nummer] , verzoeker

(gemachtigde: mr. M. Pals),
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.

Inleiding

1 In deze uitspraak beoordeelt de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening van verzoeker tegen het besluit van 27 juni 2023, waarin de staatssecretaris de asielaanvraag van verzoeker van 24 maart 2023 niet in behandeling heeft genomen.
1.1
De voorzieningenrechter nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. [1]

Beoordeling door de voorzieningenrechter

2. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL23.18671, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af. De staatssecretaris hoeft de proceskosten van verzoeker niet te vergoeden.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S. Kompier, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van E.J. Iflé, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Voetnoten

1.Artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht maakt dat mogelijk.