Op 24 mei 2023 is op het terrein van de benadeelde brand gesticht, waarbij diverse voertuigen, een schuur en de woning schade opliepen. Verdachte werd ervan verdacht de brand te hebben veroorzaakt door open vuur te stichten met brandversnellende middelen.
De officier van justitie stelde dat verdachte de brandstichter was, onderbouwd met camerabeelden, verklaringen van familieleden die bewegingen herkenden en een tijdlijn die paste bij verdachtes aanwezigheid. De verdediging voerde aan dat het bewijs onvoldoende was om schuld aan te tonen.
De rechtbank oordeelde dat de camerabeelden van te lage kwaliteit waren en dat de herkenningen van familieleden onvoldoende specifiek en onderscheidend waren. Ook was er onvoldoende bewijs dat verdachte de route naar het terrein van de benadeelde had afgelegd. Verdachte werd daarom vrijgesproken wegens gebrek aan wettig en overtuigend bewijs.