ECLI:NL:RBDHA:2023:18169
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure wegens verantwoordelijkheid Kroatië
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Kroatië verantwoordelijk is voor de behandeling. Tevens verzocht verzoeker om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft geoordeeld dat nu de hoofdzaak (zaaknummer NL23.24759) reeds is beslist, een voorlopige voorziening niet langer nodig is. Daarom is het verzoek om voorlopige voorziening als kennelijk ongegrond afgewezen.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting en is openbaar gemaakt. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.