Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], verzoeker
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
(vierhonderdachttien euro en vijftig cent).
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft op 26 september 2022 beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 3 maart 2022. Tijdens de procedure heeft de staatssecretaris bij besluit van 27 december 2022 alsnog de asielaanvraag ingewilligd. Vervolgens heeft verzoeker het beroep ingetrokken en verzocht om vergoeding van proceskosten.
De rechtbank stelt vast dat verweerder aan verzoeker is tegemoetgekomen door alsnog een besluit te nemen tijdens het beroep. Op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht kan de rechtbank bij intrekking van het beroep wegens tegemoetkoming het bestuursorgaan veroordelen in de proceskosten.
De rechtbank oordeelt dat het verzoek om proceskostenvergoeding gegrond is en stelt de proceskosten vast op €418,50, gebaseerd op een puntentelling en wegingsfactor vanwege de beperkte aard van het beroep. De rechtbank veroordeelt de staatssecretaris tot betaling van dit bedrag aan verzoeker.
Uitkomst: De staatssecretaris wordt veroordeeld tot betaling van €418,50 aan proceskosten aan verzoeker.