ECLI:NL:RBDHA:2023:17911
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende aannemelijkheid identiteit en nationaliteit
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag af te wijzen als kennelijk ongegrond. De rechtbank heeft het beroep behandeld op zitting, waarbij eiser niet is verschenen. De rechtbank heeft het beroep ongegrond verklaard omdat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zijn identiteit, nationaliteit en herkomst anders zijn dan vastgesteld door verweerder.
Verweerder baseerde zich op een kopie van het paspoort van eiser, verklaringen uit het vertrekgesprek en gegevens uit Duitsland. Eiser stelde dat het paspoort vervalst was, maar dit werd door de rechtbank onvoldoende onderbouwd geacht. De rechtbank benadrukte dat een kopie paspoort indicatief bewijs vormt en dat de pasfoto’s overeenkomen met die in het dossier.
De rechtbank oordeelde dat verweerder niet onterecht is uitgegaan van de gegevens zoals opgenomen in het besluit en dat het beroep daarom ongegrond is. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.