ECLI:NL:RBDHA:2023:17911

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
17 november 2023
Publicatiedatum
22 november 2023
Zaaknummer
NL23.22404
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 30b VwArt. 31 Vw
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende aannemelijkheid identiteit en nationaliteit

Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag af te wijzen als kennelijk ongegrond. De rechtbank heeft het beroep behandeld op zitting, waarbij eiser niet is verschenen. De rechtbank heeft het beroep ongegrond verklaard omdat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zijn identiteit, nationaliteit en herkomst anders zijn dan vastgesteld door verweerder.

Verweerder baseerde zich op een kopie van het paspoort van eiser, verklaringen uit het vertrekgesprek en gegevens uit Duitsland. Eiser stelde dat het paspoort vervalst was, maar dit werd door de rechtbank onvoldoende onderbouwd geacht. De rechtbank benadrukte dat een kopie paspoort indicatief bewijs vormt en dat de pasfoto’s overeenkomen met die in het dossier.

De rechtbank oordeelde dat verweerder niet onterecht is uitgegaan van de gegevens zoals opgenomen in het besluit en dat het beroep daarom ongegrond is. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.

Uitspraak

proces-verbaal uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL23.22404
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam eiser] , eiser V-nummer: [V-nr.]

(gemachtigde: mr. R. Akkaya), en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. W. Epema).

Procesverloop

Bij besluit van 2 augustus 2023 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van eiser in de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond.1
Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.
De rechtbank heeft het beroep op 27 oktober 2023 op zitting behandeld in Breda. Eiser is, met bericht vooraf, niet verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Overwegingen

1. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond omdat het aan eiser is om op grond van artikel 31 van Pro de Vw zijn asielrelaas aannemelijk te maken. Daaronder vallen ook zijn identiteit, nationaliteit en herkomst. Verweerder heeft op grond van het door eiser overgelegde kopie paspoort, de verklaringen in het vertrekgesprek van 26 april 2022 en de
1. Op grond van artikel 30b, eerste lid, aanhef en onder a, b en c, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw).
gegevens die in Duitsland bekend zijn de persoonsgegevens en de nationaliteit zoals ze nu in het besluit staan gebruikt. Daar heeft eiser niets tegenover gesteld behalve de stelling dat het kopie paspoort een vervalst document is. De rechtbank volgt verweerder in het standpunt dat dit onvoldoende is. Verweerder is daarom niet ten onrechte uitgegaan van deze gegevens.
Daarbij is van belang dat een kopie paspoort een indicatief bewijs van de identiteit vormt. Bovendien heeft eiser de kopie vrijwillig overgelegd en lijken de pasfoto’s op het kopie paspoort en die in het dossier van eiser op elkaar. De beroepsgrond dat er van verkeerde persoonsgegevens en nationaliteit is uitgegaan en dat meer onderzoek had moeten worden gedaan zoals het stellen van herkomstvragen, slaagt daarom niet.
2. Het beroep is ongegrond. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 27 oktober 2023 door mr. H. Remerie, rechter, in aanwezigheid van mr. Ż.A. Meinert, griffier.
Dit proces-verbaal is bekendgemaakt op:

Documentcode: DSR31261758

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen zes weken na de dag van bekendmaking van dit proces-verbaal.