ECLI:NL:RBDHA:2023:17841
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke vernietiging buitenbehandelingsbesluit Woo-verzoek wegens misbruik van recht
Verzoeker had een Woo-verzoek ingediend dat door verweerder buiten behandeling werd gesteld op grond van vermeend misbruik van recht door de gemachtigde van verzoeker. Verweerder stelde dat het verzoek en de verzoeken van de gemachtigde samenhingen en dat er sprake was van misbruik van recht, waardoor het verzoek buiten behandeling kon worden gesteld.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het besluit evident onrechtmatig was omdat verweerder niet aannemelijk had gemaakt dat verzoeker zelf misbruik van recht maakte en het verzoek niet op zichzelf onderzocht had. Verweerder had ook niet geweigerd dat de gemachtigde namens verzoeker optreedt, terwijl dat op grond van artikel 2:2 Awb Pro slechts in uitzonderlijke gevallen kan.
De rechtbank stelde vast dat er geen spoedeisend belang was, maar dat dit verzoek daarom niet werd afgewezen omdat het besluit evident onrechtmatig was. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat verweerder een nieuw besluit moet nemen. Een verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen en proceskosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder moet een nieuw besluit nemen op het Woo-verzoek.