ECLI:NL:RBDHA:2023:17697
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tijdelijke bescherming na beëindiging recht
Verzoeker, van Marokkaanse nationaliteit, heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 27 augustus 2023 waarbij zijn recht op tijdelijke bescherming, gebaseerd op Richtlijn 2001/55/EG en Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382, werd beëindigd per 4 september 2023.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek om een voorlopige voorziening op 14 november 2023 te Groningen. Tijdens de zitting waren beide partijen vertegenwoordigd door hun gemachtigden. Na het onderzoek werd het verzoek afgewezen omdat de rechtbank het beroep ongegrond had verklaard en er geen omstandigheden waren die een voorlopige voorziening rechtvaardigden.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is openbaar gemaakt en er is geen mogelijkheid tot hoger beroep of verzet tegen deze beslissing.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de beëindiging van het recht op tijdelijke bescherming wordt afgewezen.