ECLI:NL:RBDHA:2023:17307
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzoek voorlopige voorziening afgewezen wegens niet-betaling griffierecht
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd, welke niet in behandeling is genomen door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Na bezwaar tegen dit primaire besluit werd het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard. Verzoeker heeft vervolgens een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend.
De rechtbank stelde vast dat griffierecht van €184,00 verschuldigd was voor het verzoekschrift. Verzoeker heeft een beroep gedaan op betalingsonmacht, maar heeft dit niet binnen de gestelde termijn onderbouwd. Vervolgens is verzoeker meerdere malen in de gelegenheid gesteld het griffierecht te betalen, maar dit is niet gebeurd en er is geen verontschuldiging voor het verzuim gegeven.
Daarom verklaart de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening kennelijk niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.