ECLI:NL:RBDHA:2023:17254
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak Dublinprocedure Polen
Verzoekster heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen omdat Polen verantwoordelijk wordt geacht voor de behandeling van haar asielaanvraag op grond van de Dublinverordening.
Tegen dit besluit heeft verzoekster beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd. De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met een gerelateerde zaak op 19 september 2023 behandeld, waarbij verzoekster en haar gemachtigde aanwezig waren, evenals de gemachtigde van verweerder en een tolk.
De voorzieningenrechter heeft geoordeeld dat nu in de hoofdzaak uitspraak is gedaan, de voorlopige voorziening niet langer nodig is en heeft het verzoek daarom afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan op 3 oktober 2023 en is niet vatbaar voor hoger beroep of verzet.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat in de hoofdzaak reeds uitspraak is gedaan.