Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.Het verloop van de procedure
- de instemmende verklaring van de gedragswetenschapper van 22 oktober 2023;
- de gespreksweergave van de GGZ, ontvangen van de Raad op 23 oktober 2023.
Rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag behandelde een verzoek van de Raad voor de Kinderbescherming tot ondertoezichtstelling en machtiging voor gesloten jeugdhulp van een minderjarige geboren in 2007. De minderjarige verbleef reeds in een gesloten accommodatie vanwege ernstige gedragsproblemen die haar ontwikkeling belemmerden.
De Raad verzocht om een ondertoezichtstelling voor twaalf maanden en een machtiging voor gesloten jeugdhulp voor vijf maanden, welke ter zitting werd bekort tot drie maanden. De minderjarige toonde positieve gedragsontwikkeling, inzicht in eigen emoties en motivatie voor traumabehandeling. De gecertificeerde instelling bevestigde deze verbetering en benadrukte het belang van continuering van de gesloten plaatsing.
De kinderrechter oordeelde dat aan de wettelijke criteria van artikel 1:255 BW Pro en artikel 6.1.2 Jeugdwet was voldaan. De gesloten plaatsing was noodzakelijk vanwege ernstige opgroei- en opvoedingsproblemen en om onttrekking aan hulp te voorkomen. De ondertoezichtstelling werd voor twaalf maanden toegekend en de machtiging voor gesloten jeugdhulp voor drie maanden verleend, met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.
Uitkomst: Ondertoezichtstelling voor twaalf maanden en machtiging gesloten jeugdhulp voor drie maanden toegekend.