ECLI:NL:RBDHA:2023:16714
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van het niet in behandeling nemen van asielaanvragen vanwege Dublinverordening en Kroatië
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris om hun asielaanvragen niet in behandeling te nemen, omdat Kroatië verantwoordelijk zou zijn voor de behandeling volgens de Dublinverordening. De rechtbank heeft de beroepen op 11 oktober 2023 behandeld en beoordeelt of het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Kroatië nog van toepassing is.
De rechtbank overweegt dat op grond van de recente uitspraken van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State en het onderzoek van de staatssecretaris, het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Kroatië nog steeds geldt. Eisers hebben onvoldoende aannemelijk gemaakt dat zij een reëel risico lopen op een schending van artikel 3 EVRM Pro bij overdracht naar Kroatië, ondanks verwijzingen naar pushbacks en onrechtmatige detentie.
Daarnaast is het beroep gebaseerd op het arrest C.K. van het Hof van Justitie, waarbij eiseres een ernstige mentale aandoening heeft en suïcidale gedachten. De rechtbank oordeelt dat de medische gegevens onvoldoende onderbouwing bieden voor een reëel risico op aanzienlijke en onomkeerbare gezondheidsachteruitgang bij overdracht. De staatssecretaris was niet verplicht een advies van het Bureau Medische Advisering aan te vragen.
De rechtbank wijst het verzoek om aanhouding af, omdat de prejudiciële vragen over het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet leiden tot een ander oordeel. De beroepen worden ongegrond verklaard en de staatssecretaris heeft de asielaanvragen terecht niet in behandeling genomen.
Uitkomst: De beroepen tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvragen worden ongegrond verklaard.