Uitspraak
zaaknummer: NL23.20933
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Algerijnse staatsburger, diende op 29 april 2023 een asielaanvraag in Nederland in. De staatssecretaris wees deze aanvraag af op 13 juli 2023, mede vanwege twijfels over de geloofwaardigheid van de door eiser opgegeven problemen met de broers van zijn partner en zijn late asielaanvraag in Nederland.
De rechtbank behandelde het beroep op 15 september 2023, waarbij eiser en zijn gemachtigde afwezig waren. De rechtbank concludeerde dat eiser onvoldoende bewijs had geleverd ter onderbouwing van zijn verhaal, zoals documenten of medische bewijzen van mishandeling. Daarnaast werden wisselende verklaringen en onduidelijkheden over het ontstaan van de problemen met de broers als ongeloofwaardig beoordeeld.
Verder achtte de rechtbank het feit dat eiser pas na langdurig verblijf in Europa asiel aanvraagt in Nederland, en zijn veroordeling voor diefstal, redenen om aan te nemen dat de noodzaak tot bescherming niet aannemelijk is gemaakt. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de afwijzing van de asielaanvraag bevestigd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.