Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De bewijsbeslissing
de inhoud van dit bewijsmiddel is hiervoor genoemd bij feit 1, onder 6 en dient als hier herhaald te worden beschouwd)
RABM7169NL - [ medeverdachte 2]
(ruwe delen, ribbels en
randen van handgreep van pistool; AA0Z4155NL)
- verdachte [verdachte]
- [ medeverdachte 2]
- circa 300 miljoen
- verdachte [verdachte]
(buitenzijde van tracker;
AAOT5960NL)
- verdachte [verdachte]
- minimaal twee onbekende personen, waarvan minimaal één man
- niet van toepassing
(binnenzijde van tracker:
onder deksel, inclusief sim-
kaart; AAOTS960NL)
- verdachte [verdachte]
- minimaal twee onbekende personen
- niet van toepassing
de inhoud van dit bewijsmiddel is hiervoor genoemd bij feit 1, onder 6 en dient als hier herhaald te worden beschouwd)
de inhoud van dit bewijsmiddel is hiervoor genoemd bij feit 2, onder 5 en dient als hier herhaald te worden beschouwd)
dezelfde mannenzijn die zij eerder die dag op de parkeerplaats heeft gezien. De signalementen die door de verschillende getuigen worden gegeven, passen bij de signalementen van de daarna aangehouden verdachten.
[naam]. Dat gesprek gaat onmiskenbaar over het volgen van een voertuig (
1 pingpong) en over een verkenning voor het plegen van diefstal. Door de verdediging is aangevoerd dat er mogelijk enkel sprake zou kunnen zijn geweest van voorbereidingshandelingen gericht op een
inbraaken niet op diefstal met geweld. In het chatgesprek valt echter ook te lezen, in een bericht gestuurd door de verdachte: ‘Als die iets heeft kom ik. Met beveiliging.’ Deze berichten duiden wel degelijk op een geweldscomponent. Daar komt bij dat de verdachten het vuurwapen voorhanden hebben gehad, wat onmiskenbaar dienstig kan zijn voor het plegen van geweldshandelingen bij een diefstal. Gelet op deze berichten en het overige aangetroffen in de telefoon, in samenhang bezien met het voorhanden hebben van dat vuurwapen, is de rechtbank van oordeel dat deze middelen naar uiterlijke verschijningsvorm dienstig konden zijn voor het plegen van diefstal met geweld. De rechtbank is voorts van oordeel dat de verdachte samen met de medeverdachte dit misdadige doel ook voor ogen had, mede gelet op de verklaring van [slachtoffer 2] dat hij soms grote contante geldbedragen met zijn auto vervoerde. Aldus is bewezen dat de middelen bestemd waren tot het begaan van diefstal met geweld. De rechtbank acht bewezen dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het medeplegen van voorbereidingshandelingen van diefstal met geweld.
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
‘1 pingpong’) en een andere gebruiker van een gevolgde auto is gebleken dat zij geldbedragen dan wel waardevolle spullen in deze voertuigen vervoerden.
7.De inbeslaggenomen voorwerpen
8.De toepasselijke wetsartikelen
9.De beslissing
twee jarenvastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;