ECLI:NL:RBDHA:2023:15740

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
13 oktober 2023
Publicatiedatum
19 oktober 2023
Zaaknummer
NL23.23291
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:83 Awb
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure wegens kennelijke ongegrondheid

In deze bestuursrechtelijke zaak heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op 14 augustus 2023 het asielverzoek van de eiseres in de verlengde procedure afgewezen als kennelijk ongegrond. Hiertegen heeft eiseres beroep ingesteld en tevens een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend bij de voorzieningenrechter van de rechtbank Den Haag, locatie Middelburg.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening beoordeeld zonder zitting op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Op dezelfde dag is in een andere procedure (zaaknummer NL23.23309) uitspraak gedaan op het beroep van eiseres, waardoor een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is.

Daarom heeft de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Tevens is er geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.

Uitspraak

uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL23.23291
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[naam] eiseres v-nummer: [nummer]

(gemachtigde: mr. M.C.W. van der Zanden), en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 14 augustus 2023 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van verzoekster in de verlengde procedure afgewezen als kennelijk ongegrond.
Verzoekster heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Zij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL23.23309, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.E. van de Merbel, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. Ż.A. Meinert, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
zaaknummer: NL23.23291
2
De uitspraak is bekendgemaakt op:

Documentcode: DSR30518882

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.