Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[Naam] , eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Turkse nationaliteit dragende persoon, heeft op 22 maart 2022 asiel aangevraagd in Nederland met het argument dat hij sinds 2011/2012 bedreigd werd vanwege zijn Koerdische achtergrond en lidmaatschap van de politieke oppositiepartij HDP. Verweerder heeft het verzoek afgewezen omdat het lidmaatschap van de HDP en de bedreigingen niet geloofwaardig werden geacht.
Eiser voerde aan dat verweerder onterecht zijn lidmaatschap van de HDP ongeloofwaardig achtte, mede omdat hij stukken overlegd had zoals een lidmaatschapskaart en betalingsbewijzen. De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende basale kennis van de partij kon geven en dat de overgelegde stukken niet origineel waren en pas na het bestreden besluit waren verkregen, waardoor het lidmaatschap niet aannemelijk werd gemaakt.
Ook de vermeende bedreiging door de Grijze Wolven werd niet aannemelijk geacht, mede omdat het overgelegde document geen betrokkenheid van deze groep toonde en de tegenwerpingen van verweerder niet waren bestreden. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende geloofwaardigheid van het lidmaatschap en bedreiging.