ECLI:NL:RBDHA:2023:14952
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening na intrekking in asielzaak Dublinprocedure
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen omdat Oostenrijk verantwoordelijk werd geacht volgens de Dublinverordening. Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en vroeg tevens om een voorlopige voorziening om de uitvoering van het besluit op te schorten.
Op 22 augustus 2023 trok verzoeker het verzoek om een voorlopige voorziening in en verzocht om vergoeding van proceskosten. De rechtbank heeft de Staatssecretaris in de gelegenheid gesteld hierop te reageren, maar er is geen reactie ontvangen.
De voorzieningenrechter oordeelt dat op grond van artikel 8:75a Awb proceskosten slechts kunnen worden toegekend indien het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk tegemoet is gekomen aan het verzoek. Nu geen sprake is van enige tegemoetkoming, wijst de rechtbank het verzoek om proceskostenvergoeding af en wijst tevens het verzoek om voorlopige voorziening af.
De uitspraak is gedaan zonder zitting en is onherroepelijk, er staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening en proceskostenvergoeding wordt afgewezen.