ECLI:NL:RBDHA:2023:14949

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
8 september 2023
Publicatiedatum
5 oktober 2023
Zaaknummer
NL23.19069
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen afwijzing asielaanvraag en inreisverbod

Verzoeker, van Albanese nationaliteit, diende op 14 juni 2023 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De staatssecretaris wees deze aanvraag op 29 juni 2023 af als kennelijk ongegrond. Tevens werd een inreisverbod van twee jaar opgelegd en werd verzoeker geen vertrektermijn toegekend.

Tegen dit besluit stelde verzoeker beroep in en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 10 augustus 2023 in aanwezigheid van partijen en tolk.

Op 8 september 2023 deed de rechtbank uitspraak in de hoofdzaak (zaaknummer NL23.19069). Gezien deze uitspraak achtte de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk en wees het verzoek af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de afwijzing van de asielaanvraag en het inreisverbod is afgewezen.

Uitspraak

uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL23.19069
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoeker] , verzoeker V-nummer: [V-nummer] (gemachtigde: mr. S.N. Ali),

en
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. A.N. Sap).

Procesverloop

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het verzoek om een voorlopige voorziening van verzoeker tegen de afwijzing van zijn asielaanvraag. Verzoeker stelt van Albanese nationaliteit te zijn en te zijn geboren op [geboortedatum] 1996. Hij heeft op 14 juni 2023 een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. De staatssecretaris heeft met het bestreden besluit van 29 juni 2023 deze aanvraag in de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond. Verder is eiser een inreisverbod opgelegd voor de duur van twee jaar en wordt hem een vertrektermijn onthouden.
2. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
3. De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met het beroep NL23.19069, op 10 augustus 2023 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: verzoeker, de gemachtigde van verzoeker, K. Cici als tolk en de gemachtigde van de staatssecretaris.

Overwegingen

4. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL23.19069, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.G. Nicholson, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. L.E. Mollerus, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
08 september 2023

Documentcode: [documentcode]

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.