ECLI:NL:RBDHA:2023:14582
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende geloofwaardige bedreigingen en eerwraak
Eiser, een Iraakse nationaliteit, diende in 2021 een tweede asielaanvraag in na eerdere terugkeer naar Irak in 2016. Hij stelde dat hij vanwege doodsbedreigingen en problemen met zijn schoonfamilie vreest voor eerwraak en onmenselijke behandeling bij terugkeer.
De staatssecretaris wees de aanvraag af wegens onvoldoende geloofwaardigheid van de bedreigingen en het asielrelaas. De rechtbank bevestigt dit oordeel, wijzend op tegenstrijdige verklaringen, het ontbreken van bewijsstukken en het feit dat eiser de bedreigingen niet concreet kon onderbouwen.
Hoewel de rechtbank erkent dat de situatie raakvlakken kan hebben met eerwraak, acht zij de verklaringen onvoldoende aannemelijk. De problemen met de schoonfamilie werden eveneens niet geloofwaardig bevonden. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter W. Anker en griffier J. de Winter op 22 september 2023.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende geloofwaardige bedreigingen en eerwraakrisico.