ECLI:NL:RBDHA:2023:14342
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen, omdat Frankrijk verantwoordelijk is voor de asielprocedure op grond van de Dublinverordening.
Eiser voerde aan dat de Franse asielprocedure onvoldoende waarborgen biedt, met name vanwege zijn kwetsbaarheid als homoseksuele vluchteling, en dat de staatssecretaris garanties had moeten vragen aan Frankrijk om de asielaanvraag aan zich te trekken. De rechtbank overwoog dat het uitgangspunt het interstatelijk vertrouwensbeginsel is en dat alleen bij aannemelijke aanwijzingen van fundamentele tekortkomingen in het Franse systeem een afwijking gerechtvaardigd is.
De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat het Franse beschermingsbeleid evident en fundamenteel verschilt van het Nederlandse beleid en dat zijn geaardheid niet relevant is voor de vaststelling van de verantwoordelijke lidstaat. Het beroep werd daarom kennelijk ongegrond verklaard en het besluit van de staatssecretaris bevestigd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen blijft in stand.