ECLI:NL:RBDHA:2023:14144
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak wegens reeds genomen beslissing
Verzoeker heeft een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend, welke door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling. Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en vroeg tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek samen met een gerelateerde zaak op 1 augustus 2023, waarbij verzoeker niet aanwezig was vanwege verhindering. De rechtbank heeft op dezelfde dag uitspraak gedaan op het beroep in zaaknummer NL23.19341.
Gezien de uitspraak op het beroep is een voorlopige voorziening niet meer noodzakelijk. Daarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat op het beroep reeds uitspraak is gedaan.