ECLI:NL:RBDHA:2023:13817

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
11 september 2023
Publicatiedatum
15 september 2023
Zaaknummer
NL23.1488
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • B.F.Th. de Roos
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 64 Vreemdelingenwet 2000Art. 8:83 Awb
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in uitstel van vertrek vreemdeling

In deze bestuursrechtelijke zaak heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het verzoekster haar aanvraag om uitstel van vertrek buiten behandeling gesteld op grond van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet. Verzoekster maakte bezwaar tegen dit besluit, dat kennelijk ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde verzoekster beroep in bij de rechtbank en verzocht om een voorlopige voorziening.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening beoordeeld zonder zitting, op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Daarbij is meegewogen dat de rechtbank in een eerdere uitspraak van 18 augustus 2023 het beroep in de bodemzaak ongegrond heeft verklaard.

Gezien deze eerdere uitspraak en de inhoud van het verzoek, concludeert de voorzieningenrechter dat het verzoek om voorlopige voorziening niet kan worden toegewezen. Er is ook geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is definitief en staat geen hoger beroep of verzet tegen open.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het buiten behandeling stellen van de aanvraag om uitstel van vertrek wordt afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL23.1488

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[naam], verzoekster

V-nummer: [nummer]
(gemachtigde: mr. S.R. Nohar),
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.

Procesverloop

In het besluit van 16 januari 2023 (primaire besluit) heeft verweerder de aanvraag van
verzoekster om haar uitstel van vertrek te verlenen op grond van artikel 64 van Pro de Vw [1] buiten behandeling gesteld.
In het besluit van 17 maart 2023 (bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar hiertegen
kennelijk ongegrond verklaard.
Verzoekster heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Daarbij heeft zij de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van 18 augustus 2023 heeft de rechtbank het beroep in de bodemzaak, met zaaknummer NL23.11446, ongegrond verklaard.
2. De voorzieningenrechter zal daarom het verzoek om een voorlopige voorziening afwijzen.
3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. B.F.Th. de Roos, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. S.C. Spruijt, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Voetnoten

1.Vreemdelingenwet 2000.