ECLI:NL:RBDHA:2023:13102
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardige uitreisverbod en summiere verklaring
Eiser, van Azerbeidzjaanse nationaliteit, vroeg asiel aan in Nederland met het argument dat hij vanwege zijn werkzaamheden voor veteranen en deelname aan demonstraties problemen had met de Azerbeidzjaanse autoriteiten, waaronder een uitreisverbod sinds 2017. De staatssecretaris wees de aanvraag af wegens ongeloofwaardigheid van het uitreisverbod en summiere, tegenstrijdige verklaringen.
De rechtbank behandelde het beroep en oordeelde dat het late ingediende screenshot van een vermeende overheidspagina onvoldoende bewijs leverde, mede omdat het document niet vertaald was en onduidelijk van herkomst. Eiser kon zijn verhaal niet aannemelijk maken, mede door het ontbreken van bewijsstukken en tegenstrijdigheden in zijn verklaringen over zijn verblijf en problemen in Azerbeidzjan.
De rechtbank wees erop dat het meerdere malen legaal in- en uitreizen van Azerbeidzjan in de jaren 1998-2016 niet strookt met een uitreisverbod vanaf 2017. Ook zijn vaagheid over wie hem in diskrediet probeerde te brengen en het ontbreken van concrete aanwijzingen leidde tot afwijzing van zijn beroep.
De stelling van geheugenverlies werd niet gevolgd wegens gebrek aan medische onderbouwing. Eiser liet enkele beroepsgronden vallen. De rechtbank concludeerde dat de staatssecretaris de aanvraag terecht als ongegrond heeft afgewezen en wees het beroep af. Eiser krijgt geen asielvergunning en geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt de afwijzing van de asielaanvraag wegens onvoldoende aannemelijkheid van het uitreisverbod en summiere, tegenstrijdige verklaringen.