ECLI:NL:RBDHA:2023:1284
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen afwijzing opheffing inreisverbod
Verzoeker heeft bij besluit van 5 juli 2021 een afwijzing ontvangen op zijn aanvraag tot opheffing van een inreisverbod van tien jaar. Hiertegen heeft hij beroep ingesteld en tevens een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend om uitzetting te voorkomen totdat op het beroep is beslist.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening beoordeeld zonder zitting en vastgesteld dat het onderliggende beroep inmiddels ongegrond is verklaard in een aparte uitspraak. Hierdoor is de voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk.
Op grond hiervan heeft de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening als kennelijk ongegrond afgewezen. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling en tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de afwijzing van de opheffing van het inreisverbod is afgewezen.