ECLI:NL:RBDHA:2023:12559
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak na behandeling beroep
Verzoeker heeft een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend, die door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid is afgewezen als kennelijk ongegrond bij besluit van 16 december 2022. Tegen dit besluit heeft verzoeker beroep ingesteld en tevens een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening samen met de hoofdzaak op 21 februari 2023 behandeld. Inmiddels heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep in zaaknummer NL22.25891, waardoor de noodzaak voor een voorlopige voorziening is komen te vervallen.
Om die reden wijst de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door mr. T.A. Oudenaarden en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak is behandeld en uitspraak is gedaan.