ECLI:NL:RBDHA:2023:12237
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek om voorlopige voorziening ZW-uitkering niet-ontvankelijk wegens ontbreken beroep
Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen het besluit van 7 november 2022, waarbij het bezwaar tegen eerdere besluiten tot beëindiging van de ZW-uitkering per 22 augustus 2022 ongegrond werd verklaard.
De voorzieningenrechter stelt vast dat verzoeker geen beroep heeft ingesteld tegen het bezwaarbesluit, terwijl dit volgens de wet een vereiste is om het verzoek om voorlopige voorziening in behandeling te kunnen nemen.
Daarom verklaart de voorzieningenrechter het verzoek niet-ontvankelijk en zal het verzoek niet inhoudelijk worden behandeld. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een ingesteld beroep.