ECLI:NL:RBDHA:2023:10373
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure
Verzoeker heeft een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend, welke door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid is afgewezen als kennelijk ongegrond bij besluit van 2 december 2022.
Tegen dit besluit heeft verzoeker beroep ingesteld en tevens een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend. De voorzieningenrechter heeft dit verzoek samen met een gerelateerde zaak op 5 januari 2023 behandeld, waarbij verzoeker niet aanwezig was wegens verhindering.
De rechtbank heeft bij uitspraak op dezelfde dag in de hoofdzaak geoordeeld dat een voorlopige voorziening niet langer nodig is, waardoor het verzoek om voorlopige voorziening is afgewezen. Tevens is geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is openbaar en definitief, hoger beroep of verzet is uitgesloten.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is behandeld.