ECLI:NL:RBDHA:2023:10146
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen voortzetting maatregel van bewaring vreemdeling met Chinese nationaliteit
Eiser, een vreemdeling met de Chinese nationaliteit, is sinds 4 februari 2023 in bewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. De maatregel is eerder getoetst en rechtmatig bevonden tot 20 april 2023. De rechtbank beoordeelt nu of de voortzetting van de bewaring daarna nog rechtmatig is.
Eiser betoogt dat er geen zicht is op uitzetting naar China, omdat de Chinese autoriteiten niet reageren op rappelleringen en informatie-uitwisseling. De rechtbank stelt vast dat verweerder meerdere rappelleringen heeft gedaan en vertrekgesprekken heeft gevoerd, wat duidt op voldoende voortvarendheid in de uitzettingsprocedure.
De rechtbank overweegt dat verweerder afhankelijk is van de Chinese autoriteiten voor het verkrijgen van een laissez-passer en dat eiser onvoldoende meewerkt aan zijn terugkeer. De vertraging is daarom voor rekening van eiser. Gezien deze omstandigheden ziet de rechtbank geen reden om de bewaring op te heffen en verklaart het beroep ongegrond. Het verzoek om schadevergoeding wordt eveneens afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de voortzetting van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.