ECLI:NL:RBDHA:2023:10051
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens niet aannemelijk gemaakte identiteit en herkomst
Eiser heeft een asielaanvraag ingediend met de stelling Libische nationaliteit te bezitten en op een bepaalde datum geboren te zijn. De staatssecretaris wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond vanwege onvoldoende bewijs van identiteit, nationaliteit en herkomst.
De rechtbank bevestigt dat eiser geen identificerende documenten heeft overgelegd en dat zijn verklaringen over geboortedatum en herkomst tegenstrijdig en onbetrouwbaar zijn. Uit een taalanalyse blijkt dat eiser niet herleidbaar is tot de spraakgemeenschap in Libië, hetgeen zijn geloofwaardigheid ondermijnt.
Eiser voerde psychische problemen en PTSS aan als verklaring voor zijn onvolledige informatie, maar de rechtbank acht deze niet voldoende onderbouwd om de twijfel aan zijn identiteit weg te nemen. De afwijzing als kennelijk ongegrond wordt daarom bevestigd.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter T.A. Oudenaarden en griffier M.A. Buikema.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt de afwijzing van de asielaanvraag als kennelijk ongegrond.