ECLI:NL:RBDHA:2022:981

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
25 januari 2022
Publicatiedatum
11 februari 2022
Zaaknummer
9552214 / EJ VERZ 21-85518
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens ernstig verwijtbaar handelen werknemer

De werknemer trad op 1 mei 2018 in dienst bij Lekkerland Nederland B.V. als vrachtwagenchauffeur. Na ziekmelding op 3 juni 2020 werd een re-integratietraject gestart, maar vanaf eind juli 2021 reageerde de werknemer niet meer op verzoeken tot contact en medewerking, ook niet op oproepen van de bedrijfsarts en het UWV.

Lekkerland verzocht de kantonrechter om ontbinding van de arbeidsovereenkomst op grond van verwijtbaar handelen, zonder inachtneming van de opzegtermijn en zonder toekenning van een transitievergoeding. De werknemer verscheen niet op de zitting en voerde geen verweer.

De kantonrechter oordeelde dat het handelen en nalaten van de werknemer ernstig verwijtbaar is, waardoor voortzetting van de arbeidsovereenkomst niet van de werkgever kan worden verlangd. Herplaatsing is niet aan de orde. De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden met ingang van de datum van de beschikking en de werknemer heeft geen recht op transitievergoeding. Proceskosten worden ieder voor eigen rekening genomen.

Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden wegens ernstig verwijtbaar handelen van de werknemer zonder toekenning van transitievergoeding.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG

locatie Gouda
Zaaknummer/rolnummer: 9552214 EJ VERZ 21-85518
Beschikking van de kantonrechter d.d. 25 januari 2022 in de zaak van:
LEKKERLAND NEDERLAND B.V.,
te Son,
verzoekende partij,
gemachtigde: mr. D.J.L. Siegers,
tegen
[verweerder],
zonder bekend woon- of verblijfplaats binnen en buiten Nederland,
verwerende partij,
niet verschenen.
Partijen worden verder aangeduid als “Lekkerland” en “ [verweerder] ”.

1.Procedure

1.1
De kantonrechter heeft kennisgenomen van de volgende stukken:
- het verzoek van Lekkerland d.d. 18 november 2021;
- de door Lekkerland overgelegde producties.
1.2
Tijdens de op 30 december 2021 gehouden zitting heeft de mondelinge behandeling van de zaak plaatsgevonden. Lekkerland heeft zich ter zitting laten vertegenwoordigen door haar gemachtigde alsmede door mevrouw [naam] . [verweerder] is, hoewel op juiste wijze opgeroepen, niet ter zitting verschenen.

2.Feiten

2.1
[verweerder] die geboren is op [geboortedatum] 1983, is op 1 mei 2018 in dienst getreden bij Lekkerland als vrachtwagenchauffeur. Laatstelijk verdiende [verweerder] daar een loon van
€ 2.232,= bruto per maand exclusief 8% vakantietoeslag.
2.2
Op 3 juni 2020 heeft [verweerder] zich ziek gemeld. Naar aanleiding van deze ziekmelding is een zogeheten re-integratietraject opgezet.
2.3
Lekkerland heeft met ingang van 25 februari 2021 een loonstop opgelegd.
2.4
Vanaf eind juli 2021 heeft [verweerder] niet meer gereageerd op verzoeken van Lekkerland om haar informatie te strekken dan wel om met haar in contact te treden.
Ook de bedrijfsarts en het UWV hebben in de periode daarna geen contact meer kunnen krijgen met [verweerder] .

3.Verzoek

3.1
Lekkerland verzoekt - zakelijk weergegeven - dat bij beschikking uitvoerbaar bij voorraad:
a. de tussen partijen bestaande arbeidsovereenkomst op grond van één van de door haar aangegeven redelijke gronden wordt ontbonden;
b. bij het bepalen van de einddatum geen rekening wordt gehouden met de opzegtermijn;
c. wordt bepaald dat [verweerder] geen transitievergoeding toekomt;
d. de proceskosten worden gecompenseerd.
3.2
Aan zijn verzoek heeft Lekkerland - samengevat - ten grondslag gelegd dat [verweerder] :
geen (in de ogen van de arbeidsdeskundige) passende werkzaamheden verricht;
niet meewerkt aan de opstelling van de eerstejaarsevaluatie;
niet beschikbaar is voor contact met de bedrijfsarts op aangekondigde spreekuurmomenten;
niet meewerkt aan de door Lekkerland bij het UWV aangevraagde deskundigenoordelen.
Volgens Lekkerland moet om deze redenen de tussen partijen bestand arbeidsovereenkomst worden ontbonden op de zogeheten e-grond (verwijtbaar handelen), althans de g-grond (verstoorde arbeidsverhouding), althans de i-grond (combinatie van omstandigheden). Omdat naar de mening van Lekkerland sprake is van ernstig verwijtbaar handelen/nalaten aan de zijde van [verweerder] verzoekt Lekkerland
om bij het bepalen van de einddatum van de arbeidsovereenkomst geen rekening te houden met de in beginsel toepasselijke opzegtermijn van 1 maand en de arbeidsovereenkomst dadelijk te ontbinden.In het ernstig verwijtbaar handelen/nalaten van [verweerder] bestaat naar de mening van Lekkerland grond om [verweerder] geen transitievergoeding toe te kennen.

4.Verweer

4.1
Door [verweerder] is in het geheel geen verweer gevoerd.

5.Beoordeling

5.1
Afgaande op de stukken en op wat ter zitting is aangevoerd, is de kantonrechter van oordeel dat het door Lekkerland onder 3.2 omschreven handelen/nalaten van [verweerder] als zodanig verwijtbaar moet worden aangemerkt dat van Lekkerland in redelijkheid niet meer gevergd kan worden dat deze de arbeidsovereenkomst nog laat voortduren. Gelet op dit (in de gegeven omstandigheden als ernstig aan te merken) verwijtbaar handelen/nalaten ligt herplaatsing van [verweerder] niet in de rede.
5.2
Onder de hiervoor geschetste omstandigheden acht de kantonrechter een ontbinding van de tussen partijen bestaande arbeidsovereenkomst op de zogeheten e-grond aan de orde. De kantonrechter zal hiertoe dan ook beslissen.
5.3
Omdat [verweerder] niet naar de zitting is gekomen, heeft de kantonrechter niet kunnen toetsen of het verwijtbaar handelen van [verweerder] misschien is ingegeven geweest door bepaalde (persoonlijke) omstandigheden. De kantonrechter houdt het er dan ook met Lekkerland voor dat sprake is geweest van ernstig verwijtbaar handelen aan de zijde van [verweerder] . Gelet hierop zal de arbeidsovereenkomst worden ontbonden met ingang van de dag van deze beschikking en zal worden bepaald dat [verweerder] geen transitievergoeding toekomt.
5.4
De proceskosten zullen - als verzocht door Lekkerland - worden gecompenseerd in die zin dat elke partij de eigen kosten draagt.

6.Beslissing

De kantonrechter:
ontbindt de tussen partijen bestaande arbeidsovereenkomst met ingang van de datum van deze beschikking;
bepaalt dat [verweerder] geen transitievergoeding toekomt;
compenseert de proceskosten in die zin dat elke partij de eigen kosten draagt;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.C. Gerritse, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 25 januari 2022.