ECLI:NL:RBDHA:2022:9653
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens ongeloofwaardig relaas en veilig land van herkomst
Verzoeker heeft een aanvraag tot het verkrijgen van een verblijfsvergunning asiel ingediend, welke door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid is afgewezen als kennelijk ongegrond op 27 juni 2022. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening op 8 september 2022 behandeld, waarbij verzoeker is verschenen met een waarnemer van zijn gemachtigde en een tolk. De staatssecretaris werd vertegenwoordigd door zijn gemachtigde.
Gezien de uitspraak in een gelijktijdige zaak (NL22.12516) en de beoordeling dat het relaas van verzoeker ongeloofwaardig is en Ghana als veilig land van herkomst geldt, is het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter K.M. de Jager en griffier M.Ch. Grazell en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt afgewezen.