ECLI:NL:RBDHA:2022:9568
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in bestuursrechtelijke vreemdelingenzaak
Verzoekers hebben beroep ingesteld tegen een besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid d.d. 21 januari 2022 en tegelijkertijd verzocht om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft geoordeeld dat nu de rechtbank bij uitspraak in een gerelateerde zaak (zaaknummer AWB 22/940) reeds op het beroep heeft beslist, een voorlopige voorziening niet langer nodig is.
Daarom is het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen als kennelijk ongegrond. Tevens is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
De uitspraak is gedaan op 15 september 2022 door de voorzieningenrechter S.E. van de Merbel en griffier W. van Loon, en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen als kennelijk ongegrond.