ECLI:NL:RBDHA:2022:9486
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsrecht op grond van arrest Chavez-Vilchez wegens onvoldoende zorg- en opvoedtaken
Eiser, een Turkse nationaliteit dragende vader, verzocht om een verblijfsdocument op grond van artikel 9 van Pro de Vreemdelingenwet 2000, gebaseerd op het arrest Chavez-Vilchez, waarbij verblijf mogelijk is indien de vreemdeling daadwerkelijke zorg- en opvoedtaken verricht voor een minderjarig Nederlands kind en er sprake is van afhankelijkheid.
De staatssecretaris wees de aanvraag af omdat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat hij meer dan marginale zorg- en opvoedtaken verricht. Eiser stelde in beroep dat hij wel degelijk een constante factor is in het leven van zijn zoon, het gezag deelt en zorg- en opvoedtaken verricht.
De rechtbank oordeelde echter dat de overgelegde stukken, waaronder het ouderschapsplan, verklaringen en foto’s, onvoldoende objectief bewijs bevatten van meer dan marginale zorg- en opvoedtaken. Activiteiten zoals bellen en samen uitgaan zijn onvoldoende om het vereiste niveau aan zorg aan te tonen. Ook het feit dat eiser sinds mei 2022 op hetzelfde adres staat ingeschreven, verandert dit niet.
Het beroep op het arrest Chavez-Vilchez faalt daarom en de rechtbank ziet geen reden om het bezwaar van eiser alsnog te horen, omdat de aangeleverde bewijsstukken ontoereikend zijn. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat eiser onvoldoende heeft aangetoond dat hij meer dan marginale zorg- en opvoedtaken verricht voor zijn zoon.