ECLI:NL:RBDHA:2022:9196
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking jachtakte en veroordeling in proceskosten door rechtbank Den Haag
De Korpschef van politie trok bij besluit van 12 maart 2020 de jachtakte van eiser in voor het jachtseizoen 2020-2021. Eiser stelde administratief beroep in, dat op 21 januari 2021 ongegrond werd verklaard. Bij een later besluit van 22 juli 2021 werd het primaire besluit herroepen en het beroep alsnog gegrond verklaard.
Eiser trok vervolgens het beroep in en verzocht om veroordeling van de minister in de proceskosten. De rechtbank oordeelde dat de minister door het herroepen van het besluit aan eiser tegemoet was gekomen en dat er geen bijzondere omstandigheden waren om af te zien van vergoeding van proceskosten.
De rechtbank stelde de proceskosten vast op €759,- en veroordeelde de minister tot betaling hiervan, inclusief het griffierecht van €181,-. De uitspraak werd gedaan door rechter G.P. Kleijn op 18 augustus 2022.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de minister in de proceskosten van eiser tot een bedrag van €759,-.