Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[Naam], eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van eiser tegen een terugkeerbesluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Het besluit verplicht eiser binnen 28 dagen het grondgebied van de Europese Unie te verlaten omdat hij niet rechtmatig in Nederland verblijft. Eiser was in 2017 met een C-visum Europa binnengekomen en heeft sindsdien geen verblijfsrecht aangevraagd.
Eiser stelde dat het terugkeerbesluit onvoldoende gemotiveerd is, met name ten aanzien van het onttrekkingsrisico en de verkorte vertrektermijn van 28 dagen. Hij verwees naar jurisprudentie en de Terugkeerrichtlijn. De rechtbank oordeelde dat eiser geen rechtmatig verblijf heeft en dat het terugkeerbesluit terecht is uitgevaardigd. Daarnaast is de vertrektermijn van 28 dagen conform artikel 62 van Pro de Vreemdelingenwet passend en behoeft deze geen nadere motivering omdat geen sprake is van onttrekkingsrisico.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af. De uitspraak is gedaan door rechter J.F.I. Sinack en griffier S.D.C.J. Verheezen en is openbaar gemaakt via geanonimiseerde publicatie.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit wordt ongegrond verklaard en de vertrektermijn van 28 dagen bevestigd.