Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiser,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Marokkaanse nationaliteit dragende persoon, werd op grond van artikel 59a, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000 in bewaring gesteld wegens het ontbreken van rechtmatig verblijf in Nederland. Eiser stelde dat hij rechtmatig binnen de EU verblijft vanwege een asielaanvraag in Slowakije en betwistte de rechtmatigheid van de bewaring.
De rechtbank stelde vast dat uit het Eurodac-systeem blijkt dat eiser op 27 augustus 2020 een asielaanvraag in Slowakije heeft gedaan, waarop nog geen beslissing is genomen. Tevens verklaarde eiser asiel te willen aanvragen in Nederland. Gezien deze feiten en de toepassing van de Dublinverordening was de bewaring gerechtvaardigd.
De rechtbank oordeelde dat de maatregel op goede gronden was opgelegd en verklaarde het beroep ongegrond. Tevens wees de rechtbank het verzoek om schadevergoeding af en zag zij geen aanleiding tot een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring is ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding is afgewezen.