ECLI:NL:RBDHA:2022:874
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende bewijs persoonlijke dreiging door MFDC in Senegal
Eiser, van Senegalese nationaliteit, diende in Nederland een asielaanvraag in op grond van vrees voor vervolging door de MFDC, een gewapende groepering in de regio Casamance. Hij stelde dat hij en zijn familie door de MFDC werden bedreigd en dat zijn broer door hen was vermoord. Verweerder, de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond omdat Senegal als veilig land van herkomst is aangewezen en eiser onvoldoende persoonlijke dreiging aannemelijk had gemaakt.
De rechtbank behandelde het beroep op zitting en concludeerde dat de verklaringen van eiser over de dreiging door de MFDC gebaseerd waren op vermoedens en tegenstrijdige documenten. Met name de overlijdensdata van zijn broer verschilden en er was geen duidelijk causaal verband met de MFDC. Ook de Italiaanse verblijfsvergunning op humanitaire gronden uit 2014 bood geen voldoende grond voor verblijf in Nederland.
De rechtbank oordeelde dat de persoonlijke situatie van eiser onvoldoende bewijs leverde voor een reëel risico bij terugkeer naar Senegal. De algemene situatie in Casamance en de status van Senegal als veilig land van herkomst rechtvaardigen de afwijzing. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en een proceskostenveroordeling werd niet toegewezen.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en verklaart de asielaanvraag ongegrond wegens onvoldoende bewijs van persoonlijke dreiging.