ECLI:NL:RBDHA:2022:8560
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen buiten behandeling stellen asielaanvraag
Verzoeker heeft tegen het besluit van 14 juni 2022, waarbij zijn asielaanvraag buiten behandeling is gesteld, beroep ingesteld en een voorlopige voorziening gevraagd om niet uit Nederland verwijderd te worden tijdens de procedure.
De voorzieningenrechter heeft op 19 augustus 2022 de zaak behandeld en vastgesteld dat verzoeker nog een verblijfsvergunning als gezinslid van zijn ex-partner bezit, waardoor hij rechtmatig in Nederland verblijft en niet kan worden uitgezet.
Daarom ontbreekt het verzoeker aan een spoedeisend belang bij het verzoek om voorlopige voorziening, wat leidt tot afwijzing van het verzoek. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. De uitspraak is mondeling gedaan en tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens gebrek aan spoedeisend belang.