Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 9 juni 2022 in de zaak tussen
ir. [eiser], wonende te [woonplaats], eiser
Als derde-partij neemt aan het geding deel: [derde-partij], te [woonplaats]
Procesverloop
Beslissing
- verklaart het beroep niet-ontvankelijk, voor zover het ziet op de onderdelen van het handhavingsverzoek waarover verweerder op 6 januari 2021, en na bezwaar op 31 augustus 2021 heeft beslist;
- verwijst de zaak voor het overige naar verweerder ter behandeling als bezwaar;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 178,- aan eiser te vergoeden;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 948,75.