Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De bewijsbeslissing
10 juni 2022;
Rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag behandelde een zaak waarin verdachte werd beschuldigd van bedreiging en belaging jegens een slachtoffer in september 2021. De ten laste gelegde feiten omvatten meerdere ernstige doodsbedreigingen via telefoon, e-mail en Google-chat, alsmede het reizen met een mes richting de woning van het slachtoffer om vrees aan te jagen.
De rechtbank baseerde haar oordeel op diverse bewijsmiddelen, waaronder de bekennende verklaring van verdachte en proces-verbalen met screenshots van bedreigende berichten. De feiten werden wettig en overtuigend bewezen verklaard. De verdachte werd echter medisch onderzocht door een GZ-psycholoog, die concludeerde dat verdachte leed aan een matige verstandelijke beperking, ADHD en een autismespectrumstoornis, welke chronisch en onveranderlijk zijn en al op jonge leeftijd aanwezig waren.
Gezien deze stoornissen en het kinderlijke niveau van functioneren, kon verdachte de gevolgen van zijn gedrag niet overzien en was hij volledig ontoerekeningsvatbaar. De rechtbank volgde dit advies en ontsloeg verdachte van alle rechtsvervolging zonder oplegging van een maatregel. De vordering van het slachtoffer tot schadevergoeding werd niet-ontvankelijk verklaard omdat verdachte niet strafbaar was, en de kosten werden begroot op nihil.
Uitkomst: Verdachte is volledig ontoerekeningsvatbaar verklaard en ontslagen van alle rechtsvervolging zonder oplegging van een maatregel.