ECLI:NL:RBDHA:2022:5893
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugvordering WIA-uitkering na verrekening inkomsten
Eiser ontvangt sinds 2012 een WIA-uitkering en is sinds 2018 in dienst bij een stichting, waarna zijn uitkering per voorschot wordt uitgekeerd. Verweerder heeft in drie besluiten de WIA-uitkering definitief berekend en een bedrag teruggevorderd wegens te veel ontvangen voorschotten.
Eiser maakte bezwaar tegen deze besluiten, waarvan één bezwaar niet-ontvankelijk werd verklaard wegens te late indiening en twee bezwaren werden afgewezen. Eiser voerde aan dat verweerder het voorschot had kunnen corrigeren en dat het onterecht is dat hij een bruto bedrag moet terugbetalen.
De rechtbank oordeelt dat het op de weg van eiser lag om wijzigingen door te geven en dat verweerder tijdig heeft gecorrigeerd. Dringende redenen voor kwijtschelding zijn niet aannemelijk gemaakt. De betaling van het netto bedrag is toegelicht vanwege fiscale terugvordering. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de terugvordering van WIA-uitkering wordt ongegrond verklaard.