Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[Naam], eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Syrische en Libanese nationaliteit, betwistte de rechtmatigheid van zijn bewaring en de daaraan voorafgaande handelingen, waaronder het binnentreden in zijn woning en de staandehouding. Hij stelde dat de vereiste machtiging en piketmelding ontbraken, en dat een lichter middel had moeten worden toegepast.
De rechtbank stelde vast dat de juiste machtiging tot binnentreden en het proces-verbaal alsnog aan het dossier waren toegevoegd, evenals de tijdige piketmelding. De gronden voor bewaring, waaronder risico op ontduiking van toezicht en belemmering van uitzetting, werden niet betwist door eiser en werden door de rechtbank als voldoende beoordeeld.
Daarnaast oordeelde de rechtbank dat het feit dat eiser hoger beroep had ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak geen schorsende werking had en dat verweerder voortvarend had gehandeld door binnen enkele dagen na oplegging van de maatregel een uitzettingshandeling te verrichten.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.