ECLI:NL:RBDHA:2022:5701
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak wegens reeds gewezen uitspraak
Verzoeker heeft een asielaanvraag ingediend die door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid is afgewezen als kennelijk ongegrond bij besluit van 30 april 2022. Tegen dit besluit is beroep ingesteld en tevens is een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met een gerelateerde zaak op 25 mei 2022 behandeld. Omdat de rechtbank op dezelfde dag uitspraak heeft gedaan in de hoofdzaak (zaaknummer NL22.8020), acht de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk.
Daarom is het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter E.F. Bethlehem en is onherroepelijk omdat hoger beroep of verzet niet openstaan.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.