ECLI:NL:RBDHA:2022:5497
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening na niet-ontvankelijkverklaring asielaanvraag
Verzoeker had een asielaanvraag ingediend die door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet-ontvankelijk werd verklaard bij besluit van 29 april 2022. Hiertegen stelde verzoeker beroep in en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek samen met een gerelateerde zaak op 25 mei 2022, waarbij verzoeker en zijn gemachtigde niet verschenen waren, terwijl de gemachtigde van verweerder wel aanwezig was.
Gezien het feit dat op dezelfde dag in de hoofdzaak uitspraak was gedaan, achtte de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk en wees het verzoek af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is behandeld.