ECLI:NL:RBDHA:2022:5436
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verlening zorgmachtiging voor verplichte geestelijke gezondheidszorg bij schizofrenie
De rechtbank Den Haag behandelde op 20 april 2022 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van artikel 6:4 Wvggz Pro ten aanzien van betrokkene, die lijdt aan schizofrenie. Betrokkene betwist de diagnose en heeft een second opinion aangevraagd, maar de rechtbank acht de diagnose bevestigd op basis van medische verklaringen en het zorgplan.
Betrokkene is sinds november 2021 gestopt met zijn medicatie, wat heeft geleid tot terugtrekking, psychotische belevingen, verminderde zelfzorg en toename van agressie. De psychiater en woonbegeleiding bevestigen de noodzaak van verplichte zorg, waaronder medicatie, medische controles en beperkingen in vrijheid. Betrokkene verzoekt primair afwijzing of subsidiair een kortdurende machtiging zonder opname of insluiting.
De rechtbank oordeelt dat er sprake is van ernstig nadeel dat niet op vrijwillige basis kan worden afgewend en dat verplichte zorg noodzakelijk, evenredig en effectief is. Daarom wordt een zorgmachtiging verleend voor drie maanden, met de mogelijkheid tot herziening na de second opinion. De machtiging omvat medicatie, medische handelingen, beperkingen in vrijheid en bij decompensatie opname en bewegingsbeperking.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor verplichte zorg aan betrokkene voor de duur van drie maanden.