Op 1 april 2021 ontstond tijdens een drugsdeal in Zoetermeer een conflict tussen verdachte en slachtoffer, waarbij verdachte meerdere keren met een klein kaliber vuurwapen heeft geschoten tijdens een worsteling. Het slachtoffer liep schotwonden op in arm en been, terwijl verdachte zelf ook gewond raakte. Verdachte werd beschuldigd van poging tot doodslag, poging tot diefstal met geweld en het voorhanden hebben van een vuurwapen en munitie.
De rechtbank sprak verdachte vrij van poging tot diefstal met geweld vanwege onvoldoende bewijs, ondanks aanwijzingen zoals een WhatsApp-bericht en DNA-sporen op een vuilniszak. Wel werd bewezen verklaard dat verdachte met opzet en voorwaardelijk opzet meerdere keren heeft geschoten met een potentieel dodelijk vuurwapen, waarmee hij de aanmerkelijke kans op dodelijk letsel aanvaardde.
De rechtbank hield rekening met de ernst van het feit, het strafblad van verdachte, zijn antisociale persoonlijkheidsstoornis en het recidiverisico. Verdachte kreeg een gevangenisstraf van vier jaar opgelegd, lager dan de gevorderde zes jaar. Daarnaast werd een schadevergoeding van €2.370,02 toegekend aan het slachtoffer, bestaande uit materiële en immateriële schade, met wettelijke rente vanaf 1 april 2021.
De rechtbank wees de vordering tot tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke straf af wegens niet-ontvankelijkheid. De uitspraak benadrukt de gevaren van vuurwapenbezit in het drugsmilieu en het belang van een passende straf en schadevergoeding.