Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[Naam], eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Poolse nationaliteithebbende, werd geconfronteerd met een maatregel van bewaring opgelegd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wegens het risico dat hij zich aan het toezicht zou onttrekken. Eiser betwistte de gronden van de maatregel niet, maar voerde aan dat deze in strijd was met het Unierecht en dat hij geen gevaar vormde voor de openbare orde.
De rechtbank stelde vast dat eiser zijn verblijf in Nederland niet daadwerkelijk en effectief had beëindigd, hetgeen een vereiste is voor het herleven van het verblijfsrecht na een verwijderingsbesluit. Eiser kon niet concreet aantonen wanneer hij Nederland opnieuw was binnengekomen en had geen vaste woon- of verblijfplaats, werk of studie in Nederland.
De rechtbank volgde de jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Unie en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, en oordeelde dat verweerder terecht de maatregel van bewaring had opgelegd. Het beroep en het verzoek om schadevergoeding werden afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.