Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], verzoeker
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
zevenhonderdnegenenvijftig euro).
Rechtbank Den Haag
De zaak betreft een beroep tegen de afwijzing van een asielaanvraag in de verlengde asielprocedure door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Op 17 december 2021 werd het bestreden besluit genomen. Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit.
Op 15 april 2022 trok verweerder het bestreden besluit in en gaf aan bereid te zijn de door verzoeker gemaakte proceskosten te vergoeden. Hierop trok verzoeker het beroep in en verzocht de rechtbank om verweerder te veroordelen tot vergoeding van de proceskosten.
De rechtbank heeft zonder zitting uitspraak gedaan op het verzoek om proceskostenveroordeling. Gezien de intrekking van het besluit en de bereidheid tot vergoeding achtte de rechtbank het verzoek kennelijk gegrond. De proceskosten werden vastgesteld op € 759, conform het Besluit proceskosten bestuursrecht. Verweerder werd veroordeeld tot betaling van dit bedrag.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de staatssecretaris tot betaling van € 759 aan proceskosten na intrekking van het asielbesluit.