Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[Naam], verzoekster,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,
Procesverloop
Beslissing
Overwegingen
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoekster heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid buiten behandeling is gesteld bij besluit van 29 maart 2022.
Tegen dit besluit heeft verzoekster beroep ingesteld en tevens een verzoek om voorlopige voorziening ingediend. De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening samen met de hoofdzaak behandeld op 6 mei 2022 in Breda. Verzoekster is niet verschenen, terwijl verweerder zich heeft laten vertegenwoordigen.
Na de zitting heeft de voorzieningenrechter onmiddellijk uitspraak gedaan en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen, omdat op dezelfde dag in de hoofdzaak uitspraak is gedaan, waardoor een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening is afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is behandeld en uitspraak is gedaan.