ECLI:NL:RBDHA:2022:483
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag leerlingenvervoer wegens ontbreken bijzondere omstandigheden
Eiseres heeft een aanvraag ingediend voor leerlingenvervoer voor haar kinderen naar een school op 5,6 kilometer afstand. Verweerder heeft deze aanvraag afgewezen omdat de afstand niet voldoet aan de minimale afstand van 6 kilometer zoals voorgeschreven in de Verordening leerlingenvervoer Rijswijk 2019.
Eiseres stelde dat bijzondere omstandigheden, waaronder het ontbreken van een auto, het ontvangen van een bijstandsuitkering en de jonge leeftijd van haar kinderen, toepassing van de hardheidsclausule rechtvaardigen. De rechtbank oordeelde dat deze omstandigheden onvoldoende zijn om af te wijken van de regeling. Er is geen bewijs dat eiseres of haar partner niet in staat zijn de kinderen te begeleiden, noch dat het sociale netwerk deze taak niet kan overnemen.
De rechtbank volgt de vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State dat het in beginsel de verantwoordelijkheid van ouders is om de begeleiding te verzorgen. De afwijzing van het leerlingenvervoer wordt daarom bevestigd en het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag leerlingenvervoer wordt ongegrond verklaard.